Deel 1 — Domein van het sociaal recht Minder belangrijk

De situering van het vak: wat is sociaal recht, uit welke twee takken bestaat het, en hoe is het historisch ontstaan? Minder belangrijk voor het examen, maar moet wel volledig gekend zijn.

1. Wat is sociaal recht?

Sociaal recht is het overkoepelende rechtsgebied dat zich opsplitst in twee grote takken: het arbeidsrecht en het socialezekerheidsrecht.

Sociaal recht beantwoordt praktische, dagelijkse vragen zoals:

2. De twee takken

2.1 Arbeidsrecht

Het arbeidsrecht regelt de verhouding tussen werkgever(s) en werknemer(s) en biedt juridische bescherming tijdens en in verband met "werk".

Aard: arbeidsrecht is privaatrecht — het regelt de verhouding tussen burgers onderling, meer bepaald de arbeidsverhouding.

TypeTussen wie?Omschrijving
Individueel arbeidsrechtwerknemer (WN) ↔ werkgever (WG)de individuele arbeidsrelatie
Collectief arbeidsrechtwerknemers ↔ werkgever(s)collectieve verhoudingen (cao's, vakbonden, sociaal overleg)

Uitgangsprincipes van het privaatrecht: contractsvrijheid en gelijkwaardigheid van de contractspartijen.

De klassieke privaatrechtelijke principes gelden niet onverkort: het arbeidsrecht bevat veel dwingend recht (partijen kunnen er niet vrij van afwijken) en het collectief arbeidsrecht is een eigen, extra bron van recht. Reden: in de praktijk zijn WN en WG geen gelijke onderhandelingspartijen (zie historiek).

2.2 Socialezekerheidsrecht

Het socialezekerheidsrecht regelt de inkomensgarantie in alle omstandigheden, georganiseerd via verschillende stelsels en takken.

Aard: publiekrecht — het regelt de verhouding tussen burger en overheid. Het gaat om de rechten op sociale zekerheid die de burger kan inroepen/opeisen tegenover de overheid (de verzorgingsstaat) bij "sociale risico's". Grondslag: art. 23 Gw. Kenmerk: eenzijdigheid en dominantie van de overheid.

3. Arbeidsrecht vs. socialezekerheidsrecht

KenmerkArbeidsrechtSocialezekerheidsrecht
RechtstakPrivaatrechtPubliekrecht
Verhoudingburgers onderling (WN ↔ WG)burger ↔ overheid
Voorwerparbeidsverhouding, bescherming bij/rond werkinkomensgarantie bij sociale risico's
Onderverdelingindividueel / collectiefverschillende stelsels en takken
Basisideecontractsvrijheid + gelijkwaardigheid, maar veel dwingend rechteenzijdigheid + dominantie overheid
Grondwetart. 23 Gw. (arbeid, billijke voorwaarden, collectief onderhandelen)art. 23 Gw. (recht op sociale zekerheid)

4. Grondwettelijke basis — art. 23 Gw.

Art. 23 Grondwet: "Ieder heeft het recht een menswaardig leven te leiden. Daartoe waarborgen de wet, het decreet of de in artikel 134 bedoelde regel, rekening houdend met de overeenkomstige plichten, de economische, sociale en culturele rechten, waarvan ze de voorwaarden voor de uitoefening bepalen."

Die rechten omvatten inzonderheid:

  1. het recht op arbeid en vrije keuze van beroepsarbeid, het recht op billijke arbeidsvoorwaarden en billijke beloning, en het recht op informatie, overleg en collectief onderhandelen;
  2. het recht op sociale zekerheid, bescherming van de gezondheid en sociale, geneeskundige en juridische bijstand;
  3. het recht op een behoorlijke huisvesting;
  4. het recht op de bescherming van een gezond leefmilieu;
  5. het recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing;
  6. het recht op gezinsbijslagen.
Art. 23 Gw. bevat de sociale grondrechten. Punt 1° = arbeidsrechtelijke kern (incl. collectief onderhandelen); punt 2° = basis van het socialezekerheidsrecht.

5. Historisch overzicht

Het sociaal recht is een relatief "jonge" rechtstak.

5.1 De 19de eeuw — uitgangssituatie

5.2 Loonarbeid en de schijn van gelijkheid

De industrieel-kapitalistische productiewijze leidt tot loonarbeid, geregeld via een contract tussen werkgever en werknemer, op basis van de burgerrechtelijke principes gelijkheid en vrijheid. Het Decreet d'Allarde (1791) voert de vrijheid van beroepskeuze in (tegen de gilden).

Waren WN en WG echt gelijke onderhandelingspartijen? Neen. Verschillende instrumenten verzwakten de werknemer:
Instrument / wetBetekenis
Werkmansboekjecontroledocument dat de werknemer afhankelijk maakte van de werkgever
Art. 1781 BWde werkgever werd "op zijn woord" geloofd inzake loon — bevoordeelde de werkgever
Wet Le Chapelier (1791)verbod op beroepsverenigingen/coalities
Coalitieverbod — art. 415 Sw.strafrechtelijk verbod op staking/coalitie
Decreet d'Allarde én Wet Le Chapelier dateren beide uit 1791: samen vestigden ze de vrije markt én verboden ze de collectieve werknemersorganisatie.

5.3 De "Sociale kwestie"

De "sociale kwestie" = het maatschappelijke probleem van de miserabele werk- en leefomstandigheden van het werkvolk (het arbeidersproletariaat).

Wantoestanden: zeer lange werktijden en lage lonen, geen politiek ingrijpen, vrouwen- en kinderarbeid, geen enkele sociale zekerheid, hevige onlusten. Gevolg: sociale onrusten (1886) en de opkomst van het socialisme.

5.4 Reactie einde 19de eeuw

5.5 Eerste sociale wetten (chronologie)

JaarWet / maatregel
1887Loonbescherming
1889Vrouwen- en kinderarbeid
1896Werkplaatsreglement
1900Wet op de arbeidsovereenkomsten
1905Verplichte zondagsrust
1893Algemeen meervoudig stemrecht
1921Vrijheid van vereniging

5.6 20ste eeuw tot nu

Uitbouw van de arbeidsrechtelijke bescherming en van het huidige sociale-zekerheidsstelsel — voortdurend in ontwikkeling (let op de actualiteit, examenrelevant).

6. Conclusie — aard van het arbeidsrecht

Het arbeidsrecht is: (1) uitzonderingsrecht ten opzichte van het burgerlijk recht (het wijkt af van de gewone regels) en (2) beschermend recht voor de werknemer → art. 6 WAO.

Art. 6 WAO: "Alle met de bepalingen van deze wet en van haar uitvoeringsbesluiten strijdige bedingen zijn nietig voor zover zij ertoe strekken de rechten van de werknemer in te korten of zijn verplichtingen te verzwaren."

Dit is hét typevoorbeeld van dwingend recht ten voordele van de werknemer: afwijken ten gunste van de werknemer kan, afwijken ten nadele niet (zo'n beding is nietig).

7. Kernbegrippen

BronBelang
Art. 23 Gw.sociale grondrechten (arbeid, sociale zekerheid, ...)
Art. 6 WAOdwingend, beschermend recht voor de werknemer
Art. 1781 BW(historisch) bevoordeelde de werkgever
Decreet d'Allarde (1791)vrijheid van beroepskeuze / vrije arbeidsmarkt
Wet Le Chapelier (1791)verbod op coalities/beroepsverenigingen
Art. 415 Sw.coalitieverbod (strafrechtelijk)

Volgende deel: Collectieve arbeidsverhoudingen →